Rechtszaak over de afschaffing van bed-bad-broodregeling
Woensdagochtend 28 januari diende in Rechtbank Rotterdam de rechtszaak die advocaat Pim Fischer van fischer advocaten uit Assen heeft aangespannen namens 23 mensen zonder papieren tegen de afschaffing van de Landelijke Vreemdeling Voorziening (LVV) per 1 januari 2025. “In deze rechtszaak staat de vraag centraal: kon de minister de zogenaamde bed-bad-broodregeling zomaar van de ene op de andere dag afschaffen?”, aldus Jelle Klaas, advocaat en woordvoerder namens Stichting ROS.
“Het was deels een zeer technische en juridische zitting”, vervolgt Klaas, “maar de echte problemen, de pijn van mensen in de problemen die geen kant op kunnen en de vraag of de overheid hiervoor onverschillig kan zijn, die zijn goed belicht en daar heeft de rechter ook op doorgevraagd. De uitspraak over zes weken beslist of er een voldoende juridische grondslag was voor de beëindigingen van de opvang of dat de Nederlandse overheid in strijd handelde met internationaal recht.
LVV als essentieel vangnet
De LVV is, na een belangrijke Europese uitspraak en veel gedoe in de politiek, juist in het leven geroepen omdat het systeem van Ter Apel niet sluitend is. Zonder LVV raken deze mensen tussen wal en schip. Ze kloppen onder andere aan bij Stichting ROS, juist omdat zij niet naar Ter Apel kunnen. Ze kunnen bijvoorbeeld niet terugkeren, omdat ze staatloos zijn, of omdat het land van herkomst hen niet accepteert. Met regelmaat zijn het kwetsbare mensen met een medisch dossier, die dringende medische zorg en/of essentiële behandeling nodig hebben. Vanuit deze geestelijke gesteldheid en door het leven op de straat zijn ze helemaal niet in staat na te denken over en actief mee te werken aan terugkeer. VBL is vooral gericht op terugkeer binnen afzienbare tijd en onderzoekt niet de juridische mogelijkheden voor deze mensen.
Faber-retoriek
“De landsadvocaat verdedigde zijn standpunt met Faber-retoriek”, vertelt Maarten Goezinnen, coördinator bij Stichting ROS, “Hij bleef erop hameren dat vreemdelingen recht hebben op opvang in de VBL, oftewel de vrijheidsbeperkende locatie in Ter Apel, mits zij meewerken aan hun terugkeer. Saillant detail: op de website van de VBL van de Dienst Terugkeer en Vertrek staat de voorwaarde ‘zicht op terugkeer binnen twaalf weken’. Dat is bij de mensen die ROS opvangt nu juist het probleem. ‘Dat moeten we dan aanpassen op de website’, reageerde de landsadvocaat snel. De rechter stelde verder terecht de vraag over de capaciteit voor extra opvang bij het bomvolle Ter Apel gezien de huidige bezetting van boven de 2000 mensen. Ook benadrukte onze advocaat het belang van een warme overdracht bij mensen met een medische zorgvraag. De wachttijd een intake voor de juiste zorg loopt al snel op tot drie maanden in Ter Apel. De persaandacht en grote opkomst bij de rechtszaak, ook van de mensen om wie het gaat en hun netwerk, wijst op de grote betrokkenheid bij de tientallen kwetsbare mensen die mogelijk op straat terechtkomen, met risico op overlast, ernstige gezondheidsproblemen en zelfs overlijden.”
Stichting ROS
Stichting ROS biedt, naast de Pauluskerk en het Leger des Heils, in Rotterdam al ruim twintig jaar opvang en maatschappelijk-juridische begeleiding aan kwetsbare mensen zonder de juiste papieren. www.stichtingROS.nl